Studiegebonden

Op de koffie bij… Mitch van Geel

Afgelopen week hebben wij een interview gehouden met Mitch van Geel. De meesten van jullie zullen hem kennen als docent van het vak ‘Inleiding in de Pedagogische Wetenschappen’, ‘Ontwikkelingspsychologie’ of ‘Behandeling: interventies binnen de orthopedagogiek’. Wij zijn benieuwd waar Meneer van Geel zich daarnaast mee bezig houdt.

Voordat wij een interview afnamen met meneer van Geel, hebben wij de nodige achtergrondinformatie onderzocht. In 2001 startte hij in Amsterdam aan de studie psychologie aan de universiteit. Daarbij specialiseerde hij zich in methoden en technieken. Daarna is hij in Leiden gaan studeren. In Leiden heeft hij eerst voor zijn proefschrift onderzoek gedaan naar de acculturatie van migrantenjongeren in Nederland. Vervolgens is hij begonnen met lesgeven op de Leidse universiteit en onderzoek doen naar onder andere pesten en cyberpesten. Een behoorlijke lijst als je het mij vraagt. Maar genoeg voor ons om nog verder uit te pluizen! Hieronder de vragen die wij Mitch van Geel hebben voorgelegd.

 

Hoe ziet een werkweek voor u eruit?

“Een vaste werkweek heb ik eigenlijk niet. Bijna elke week is anders. De ene week ben ik veel bezig met onderzoekstaken. De andere week ligt de focus weer wat meer op taken die ik als docent op me neem. Wat betreft het onderwijsdeel wordt de tijd verdeeld tussen colleges geven en colleges voorbereiden. Daarnaast begeleid ik ook studenten bij hun bachelor- of masterscriptie. Dus die ben ik veel aan het nakijken. Tussendoor maak ik tentamenvragen en ga ik naar vergaderingen. Voor het onderzoeksdeel ben ik bezig met data verzamelen, data analyseren en het schrijven over gegevens. Verder word ik soms uitgenodigd om voor een groep uitleg te geven over bepaalde onderwerpen waar ik onderzoek naar heb gedaan. Mijn werk is dus heel afwisselend en dat maakt het ook leuk.”

 

Er zijn veel onderzoeken, prijzen en beurzen die op uw naam staan. Wij zijn erg benieuwd hoe u van beginnende student geklommen bent naar waar u nu bent. Hoe was u als student?

“Nou, ik moet bekennen dat het eerste jaar van mijn studie niet altijd op rolletjes liep. Soms begon ik te laat met studeren. Ik heb soms geprobeerd om boeken van duizend bladzijden in een week te lezen. Toch redde ik het dan wel met een 6 of een 7. Ik kan me daarom vaak goed inleven in de tijdelijk minder gemotiveerde student. Maar rond het 3e jaar heb ik mijn leven gebeterd. Ik denk dat ik gaande weg gegrepen werd door een aantal docenten die heel interessant konden vertellen. Ze nodigden me uit om meer te leren  en me meer te verdiepen in studiestof. Ik ging op een andere manier tegen dingen aankijken en zag hoe spannend, leuk en belangrijk  de studie was. Vervolgens nam ik dat mee naar ieder vak wat ik daarna volgde. Ik begon de studiestof met plezier door te nemen, dacht graag na over onderwerpen en liep graag een stapje harder.”

 

Wat deed u naast uw studie?

“Ik ben altijd een fanatieke lezer geweest, dus dat deed ik veel. Overigens speelde ik in die tijd straatvoetbal in Amsterdam. Dat ging er erg enthousiast aan toe. 3 of 4 keer in de week was ik samen met andere jongens partijtjes aan het spelen in een voetbalkooi. Veel jongens daarvan waren vrienden die ik al vanaf 5 jaar ben ken. Op zaterdag speelde we vaak in de middag, waar ’s avonds dan gezelligheid van kwam. Het was altijd erg leuk.”

 

Heeft u tijdens uw loopbaan weleens twijfels gehad over uw werk of eigen kunnen?

“Ja. Ik weet niet of het waar is, maar toevallig las ik onlangs dat zelfs Pavlov daaraan twijfelde. En dat is één van de meest beroemde wetenschappers aller tijden geworden. Een nobelprijswinnaar. Ik denk dat twijfel heel normaal is. Natuurlijk zijn er wel van die angstmomenten dat het tegenzit en dat het niet lukt. Maar ik denk dat je af en toe even een helikopterblik moet nemen en op een rijtje moet zetten dat je gezond bent en bijvoorbeeld een baan hebt die je leuk vind, enzovoort, dus dat alles best goed gaat.”

 

Sinds 2009 bent u werkzaam als universitair docent. Heeft uw ambitie altijd al bij doceren op de universiteit gelegen?

“Toen ik ongeveer 10 jaar was besloot ik dat ik leraar op een basisschool of middelbare school wilde worden. Op mijn 14e begon ik veel boeken van Russische auteurs te lezen. Daarin werden vaak filosofische, maar ook psychologische, vragen gesteld. Dat vond ik zo boeiend dat ik uiteindelijk psychologie ben gaan studeren. Tijdens mijn studententijd ben ik onderzoek pas interessant gaan vinden. Het bleek pas tijdens mijn eerste baan als onderzoeker dat ik toch ook lesgeven leuk vond, zoals ik rond de 10 jaar had voorzien.”

 

Ter afsluiting vroegen wij meneer van Geel of hij nog tips heeft voor studenten die twijfelen over een toekomst als wetenschapper of universitair docent. “Niet iedereen ziet meteen een wetenschapper of universitair docent in zichzelf. Ik had dat zelf ook niet. In het begin van mijn studie heb ik nog even gedacht aan therapeut worden. Maar gaandeweg merkte ik dat ik onderzoek leuk vind en werd ik erdoor gegrepen. Ik denk dat het werken aan een eigen wetenschappelijk onderzoek veel duidelijk zal maken. Wanneer je merkt dat je het erg leuk vindt om aan de bachelorscriptie te werken, ga dan eens kijken naar een ‘research’ master. Deze masters bereiden je specifiek voor op het worden van wetenschapper en daarop volgend mogelijk als universitair docent.”

Eén reactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *