Studiegebonden

Minor Gebarentaal, een echte onderdompeling!

Dit studiejaar volg ik de minor Gebarentaal, ook wel ‘Sign language of the Netherlands’ genoemd, aan de UvA in Amsterdam. Tijdens deze minor leer je de basis van Nederlandse gebarentaal in twee semesters met behulp van praktijklessen. Ik wilde heel graag praktisch bezig zijn en toch aansluiting vinden met mijn studie, waardoor dit echt een goede keuze was. Met gebarentaal kun je overal communiceren! Het wordt steeds meer geïntegreerd in het hedendaagse leven. Je kunt een heel gesprek voeren in een luidruchtige bar of juist voortzetten wanneer je iemand uitzwaait die in de trein zit. Heel handig dus! Maar wat het leren van gebarentaal zo speciaal maakt, is dat je kennis kan maken met een hele nieuwe wereld. Je wordt toegelaten in de dovencultuur waarbij je je waant in een stilte maar waar ook ontzettend veel gebeurt. Lichaamsbeweging en gezichtsuitdrukkingen zijn essentieel om jezelf te uiten. Dit gaat vaak gepaard met een goede hoeveelheid nuchterheid en humor. Stel je voor dat Freek Vonk sinds het incident het gebaar met zich meedraagt van een hand die in de bovenarm ‘hapt’. Het is gewoon die portie nuchterheid die we soms kunnen gebruiken in onze samenleving.

Op het gebied van pedagogische wetenschappen zijn er genoeg kinderen die zowel doof als slechthorend zijn of een beperking hebben en op allerlei vlakken ondersteuning zoeken om zo goed mogelijk mee te komen met de samenleving. Zo zijn er dovenscholen waarbij lessen worden gegeven in gebarentaal aangepast op de behoefte van de leerlingen. Deze minor biedt ook excursies aan waardoor we met een groep studenten een bezoekje mochten brengen aan een school van de Auris groep (zoek maar eens op). Een nieuw inzicht in een nieuwe wereld.

Ik kan nog veel meer vertellen over wat gebarentaal leren kan betekenen, maar het is ook leuk om te weten wat een minor gebarentaal aan de UvA allemaal met zich meebrengt. De minor duurt een studiejaar. Je volgt gedurende het jaar vakken in de Nederlandse Gebarentaal (NGT) 1 t/m 4. Daarbij komt ook nog een vak over het analyseren van gebarentaal data uit onderzoek (zo leer je werken met verschillende programma’s waarbij je gebarentaal kunt coderen). Dit vak geeft net dat onderzoeksgerichte inzicht. En ook nemen ze je mee op twee excursies waarbij je een kijkje krijgt in de dovencultuur. Tijdens de NGT-lessen leren we gebaren voor allerlei hedendaagse situatie’s zoals het vertellen van verhalen, hoe laat het is, welke route je kan lopen, hoe je omgeving eruit ziet, je familie, karaktereigenschappen en noem zo maar op. Deze gebaren leren we via filmpjes waarin gebaren worden voorgedaan. De hedendaagse situatie’s worden verder uitgelegd aan de hand van filmpjes waarin docenten voorbeelden en opdrachten geven zoals een recept vertellen of een afspraak maken. Je leert alles aan de hand van zien en zelf doen. Lekker bezig zijn!

Dan denk je, gaat ze nu naar Amsterdam om daar in een lokaal achter een computer te zitten? Nee hoor, het meeste leren we tijdens de lessen waarbij we les krijgen van een docente die zelf doof is. Juist dit maakt de minor zo interessant, omdat je meteen beleeft hoe gebarentaal in zijn werking gaat en je zeker niet kunt terugvallen op verbale communicatie. Zo mogen we ook absoluut niet praten in de les en moet alles dus in gebaren. In het begin was dit zeker een uitdaging, maar je verbaast je hoe snel je leert. Je volgt drie lessen per week waarin je twee uur nauwelijks praat en alleen gebaart, een echte onderdompeling in de Nederlandse gebarentaal. Tijdens de lessen oefen je altijd in groepen en maak je opdrachten door jezelf te filmen terwijl je aan het gebaren bent. Echt een creatieve manier om iets te leren!

De minor biedt ook veel mogelijkheden voor deelname aan gebarentaal gerelateerde activiteiten buiten je studie. Zo ga ik eind maart voor het eerst echt in de ‘buitenwereld’ gebaren tijdens het ‘Sencity kids’ evenement. Tijdens dit evenement word ik als horende begeleider gekoppeld aan een dove begeleider. Vervolgens begeleiden we een groep van horende en dove- of slechthorende kinderen langs allerlei leuke activiteiten. Zo kunnen horende en dove- of slechthorende kinderen met elkaar in contact komen en kan de dovencultuur steeds bekender worden in onze samenleving.

Ik ben van mening dat gebarentaal een onwijs mooie toevoeging is aan ons alledaagse leven. Hiermee hoop ik mijn enthousiasme naar jullie overgebracht te hebben en ook jullie te motiveren om kennis te maken met deze nieuwe wereld!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *